Bericht uit de Ruimte

Bericht uit de ruimte – Nummer 18

Bericht uit de ruimte is een periodieke nieuwsbrief met een overzicht van het actuele ruimtevaartnieuws, en verschijnt ongeveer om de twee weken. De in de nieuwsbrief genoemde tijden zijn gegeven in GMT (Greenwich Mean Time).

Mensen in de ruimte

Begin juni werd in de ruimte volop verhuisd, want het verblijf van de Rus Yuri Onufrienko en de Amerikanen Carl Walz en Daniel Bursch in het ruimtestation ISS zat er bijna op.

Op 5 juni werd de space shuttle Endeavour gelanceerd voor missie STS-111. Aan boord waren naast commandant Ken Cockrell, piloot Paul Lockhart, Franklin Chang-Diaz en Phillipe Perrin, ook de leden van de Expeditie-5 aan boord: de Russen Valery Korzun en Sergey Treshchev, en de Amerikaanse Peggy Whitson. Twee dagen later koppelde de Endeavour aan het ISS, en konden beiden bemanningen elkaar begroeten. Een dag later werd de logistieke module Leonardo uit het vrachtruim van de shuttle gehaald en aan de Unity module gekoppeld. Naast voorraden voor Expeditie-5 en -6, werden ook twee nieuwe rekken met wetenschappelijke apparatuur in het station overgeladen. Het eerste rek bevatte het grotendeels in Nederland gebouwde Micro-gravity Science Glovebox, welke de astronaut een omgeving verschaft waarin experimenten kunnen worden uitgevoerd geïsoleerd van de habitat van de astronauten. Het andere rek, Express-3, is een gestandardiseerd rek waarin verschillende experimenten uit een breed spectrum van disciplines geplaatst kunnen worden. Het Express-3 rek is uitgerust met het Active Rack Isolation System (ARIS) dat elders in het station gegenereerde trillingen absobeert die het gewenste micro-zwaartekracht milieu kunnen verstoren.
Op 9 juni maakten astronauten Chang-Diaz en Perrin een ruimtewandeling vanuit de Quest luchtsluis. Gedurende deze 7,5 uur durende ruimtewandeling prepareerden ze het Mobile Base System (MBS) dat zich toen nog in het vrachtruim van de shuttle bevond. De MBS zal gebruikt worden als steunpunt voor de robotarm Canadarm-2 als deze op de Mobile Transporter over de grote balkstructuur met de zonnepanelen rijdt. Een dag later werd de MBS met behulp van de robotarm aan de Mobile Transporter gekoppeld. Op 11 juni maakten Chang-Diaz en Perrin een 7 uur durende ruimtewandeling om de installatie van de MBS af te maken.
Een derde ruimtewandeling werd op 13 juni gemaakt. Ook nu weer door Chang-Diaz en Perrin. De twee vervingen het polsgewricht van de Canadarm-2 die al sinds kort na de installatie vorig jaar problemen gaf. Het nieuwe gewricht werkte perfect en het oude werd in het vrachtruim van de shuttle geladen zodat het op aarde bestudeerd kon worden.
Op 14 juni zaten de logistieke activiteiten erop en werd de Leonardo module weer terug in het vrachtruim van de Endeavour geplaatst. De Expeditie-5 was inmiddels naar het ruimtestation verhuisd en terwijl Expeditie-4 hun plaatsen had ingenomen aan boord van de shuttle. De ontkoppeling vond plaats op 15 juni en landde vier dagen later op Edwards Air Force Base in Californië; het weer op Kennedy Space Center in Florida had weer eens tegengezeten.

Tijdens de controle van de Endeavour na de landing werden scheurtjes in de brandstofleidingen naar de drie hoofdmotoren gevonden. Later werden zulke scheurtjes in alle shuttles gevonden. NASA besloot dat eerst die scheurtjes, hoewel ze niet direct een gevaar zouden opleveren, gerepareerd moesten worden. Hierdoor werden alle shuttlevluchten met enkele maanden uitgesteld. De Columbia die op 19 juli gelanceerd zou worden voor een twee weken durende wetenschappelijke vlucht onafhankelijk van het ruimtestation is uitgesteld tot na de twee ISS vluchten die eigenlijk na de Columbia zouden volgen.

Hoewel de reparaties op schema liggen is het momenteel onduidelijk of Atlantis wel op 28 september zal kunnen vertrekken. In lagers in de grote crawlers, de voertuigen die de shuttles en hun lanceerplatform naar de lanceerplaats rijden, zijn ook scheuren aangetroffen. NASA heeft twee van die crawlers en onderzoekt momenteel of de lagers vervangen moeten worden. De crawlers zijn gebouwd in de jaren zestig om de Saturnus-5 maanraketten naar de lanceerplaats te vervoeren.

Intussen waren Valery Korzun, Sergey Treshchev en Peggy Whitson begonnen met hun programma aan boord van het ruimtestation. Zeker nu er meer faciliteiten zijn dan gedurende eerdere expedities wordt meer tijd besteed aan wetenschappelijke experimenten. De eerste weken werden alleen onderbroken door de aankomst van de Progress M-46, die 28 juni aan de Zvezda module koppelde. Deze onbemande Russische capsule bracht meer dan twee ton aan voorraden naar het ruimtestation.

Kunstmanen en satellieten

Op 28 mei werd de spionage satelliet Ofeq-5 door Israel gelanceerd. De drietraps Shaviyt raket plaatste de satelliet in een retrograde cirkelbaan tussen 369 en 771 kilometer hoogte. De hoek met de evenaar bedroeg 143,5 graden. De reden voor de ‘teruglopende’ baan is dat dan de raket kort na lancering over de Middellandse Zee westwaarts kan vliegen, en zodoende bewoonde gebieden vermeden worden. De meeste lanceringen vinden oostwaarts plaats, zodat de raket een extra zetje krijgt door de rotatie van de aarde. De fotoverkenner Ofeq-5 heeft een massa van ongeveer 300 kilogram.

Nog diezelfde dag werd een tweede militaire satelliet gelanceerd. Deze keer door Rusland, die de Kosmos-2389 in een baan om de aarde bracht. De Kosmos-2389 is waarschijnlijk een navigatie satelliet, en kwam terecht in een baan tussen 950 en 1016 kilometer hoogte. De hoek met de evenaar is 83 graden, zodat de baan nagenoeg over de polen loopt. De lancering vond plaats met een Kosmos-3M raket vanaf de basis Plesetsk in Noord-Rusland.

Een Ariane-4 in de variant met vier opduwers op vloeibare brandstof bracht op 5 juni de communicatie satelliet Intelsat-905 in een geostationaire baan. De door Loral gebouwde satelliet heeft een droge massa van 1984 kilogram en heeft 2739 kilogram brandstof aan boord.

Een Russische communicatie satelliet voor binnenlands gebruik, de Ekspress-A1R, werd op 10 juni gelanceerd door een Proton-K raket vanaf de basis Baykonur. De satelliet is gebouwd door NPO PM en Alcatel. De satelliet kwam in een geostationaire baan terecht, ondanks het feit dat de Proton de satelliet en de bovenste DM-2M trap in een parkeerbaan had gebracht die afweek van de gewenste omloop.

Op 15 juni werd de communicatie satelliet Galaxy-3C gelanceerd vanaf het drijvende lanceerplatform Odyssee in de Grote Oceaan, gestationeerd op 0 graden Noorderbreedte en 154 graden Westerlengte. Voor de lancering werd de in de Oekraine gebouwde Zenit-3SL raket gebruikt. De door Boeing gebouwde satelliet gebruikte haar eigen motor om in een geostationaire baan te komen.

Twee vervangers voor het Iridium satellieten netwerk, Iridium-97 en -98, werden op 20 juni gelanceerd door een enkele Rokot raket vanaf de basis Plesetsk in Noord-Rusland. De satellieten zijn eigendom van Iridium Satellite LLC, de opvolger van het failiete Iridium LLC. De twee satellieten kwamen in een baan tussen 658 en 669 kilometer hoogte boven het aardoppervlak. De hoek met de evenaar was 86,6 graden.

De Amerikaanse weersatelliet NOAA-M werd op 24 juni door een Titan-2 raket gelanceerd vanaf Vandenberg aan de westkust van de Verenigde Staten. De satelliet kwam in een operationele baan tussen 807 en 822 kilometer. De hoek met de evenaar is 98,8 graden, zodat de baan nagenoeg over de polen loopt. NOAA-M werd NOAA-17 genoemd zodra de satelliet operationeel werd. De satelliet werd gebouwd door Lockheed Martin en heeft een massa van 1475 kilogram.

De twaalfde Ariane-5 raket lanceerde op 5 juli een tweetal communicatie satellieten: Stellat-5 is een communicatie satelliet gebasseerd op de Spacebus-3000 gebouwd door Alcatel. De satelliet wordt geopereerd door France Telecom en EuropeStar. Stellat-5 kwam in haar geostationaire op 5 graden Westerlengte boven de evenaar te hangen.
De tweede satelliet die de Ariane-5 naar boven bracht was de NStar-C, een communicatie satelliet voor NTT DoCoMo in Japan. NStar-C is gebouwd door Lockheed Martin.

Twee Russische militaire satellieten onder de nietszeggende naam Kosmos-2390 en Kosmos-2391 werden op 8 juli door een Kosmos-3M raket gelanceerd vanaf Plesetsk. Beide satellieten kwamen in soortgelijke banen, tussen 1466 en 1507 kilometer hoogte. De hoek met de evenaar was 82,5 graden. Het tweetal zijn waarschijnlijk Strela-3 communicatie satellieten.

Op 25 juli volgde de lancering van de Kosmos-2392 door middel van een Proton-K raket. Kosmos-2392 is een 2600 kilogram zware fotoverkenner die eigendom is van het Russische Ministerie van Defensie. De foto’s worden ook voor civiele doeleinden gebruikt. De satelliet kwam in een baan tussen 1512 en 1840 kilometer hoogte terecht, onder een hoek van 63,5 graden met de evenaar.

Het zonnestelsel in

CONTOUR (Comet Nucleus Tour) was op 3 juli om 6:47 uur GMT door een Delta-2 raket gelanceerd. CONTOUR is de nieuwste sonde uit het Discovery programma van NASA, waarin planetaire missies worden ondernomen die “sneller, goedkoper en betrouwbaarder” moeten zijn.
Om 6:59 uur kwamen de tweede trap van de Delta raket en CONTOUR in een parkeerbaan tussen 185 en 197 kilometer met een inclinatie van 29,7 graden. Zevenenveertig minuten later werd de tweede trap ontstoken voor 4 seconden waarna de baan tussen 185 en 309 kilometer kwam te liggen. De tweede trap werd afgeworpen en om 7:48 uur GMT werd de PAM-D derde trap ontstoken voor een duur van anderhalve minuut. CONTOUR kwam in een sterk elliptische baan om de aarde tussen 200 en 106689 kilometer hoogte terecht. De hoek met de evenaar bedroeg 30,5 graden. CONTOUR zal tot 15 augustus in deze baan blijven waarna een ingebouwde motor de sonde in een interplanetaire baan om de zon zal brengen. In november 2003 zal CONTOUR dan de komeet 2P/Encke van dichtbij passeren, en in juni 2006 de komeet 73P/Schwassmann-Wachmann-3 bezoeken.

Recente lanceringen

Datum Tijd Satelliet Draagraket Lanceerplaats Opmerkingen IntNat. Nr.
28 Mei 15:25 Ofeq-5 Svaviyt Palmachim Militair 2002-025A
28 Mei 18:15 Kosmos-2389 Kosmos-3M Plesetsk Navigatie 2002-026A
5 Jun 06:44 Intelsat-905 Ariane-44L Kourou Communicatie 2002-027A
5 Jun 21:22 Endeavour STS-111
MPLM-Leonardo
Shuttle KSC Ruimteveer
Logistiek
2002-028A
10 Jun 01:14 Ekspress-A1R Proton-K Baykonur Communicatie 2002-029A
15 Jun 22:39 Galaxy-3C Zenit-3SL Odyssey Communicatie 2002-030A
20 Jun 09:33 Iridium-SV97
Iridium-SV98
Rokot Plesetsk Communicatie
Communicatie
2002-031A
2002-031B
24 Jun 18:23 NOAA-17 Titan-23G Vandenberg Meteorologie 2002-032A
26 Jun 05:36 Progress M-46 Soyuz-U Baykonur Logistiek 2002-033A
3 Jul 06:47 Contour Delta-2 Cape Canaveral Komeetsonde 2002-034A
5 Jul 23:22 Stellat-5
NStar-C
Ariane-5G Kourou Communicatie
Communicatie
2002-035A
2002-035B
8 Jul 06:36 Kosmos-2390
Kosmos-2391
Kosmos-3M Plesetsk Communicatie
Communicatie
2002-036A
2002-036B
25 Jul 15:13 Kosmos-2392 Proton-K Baykonur Aardobservatie 2002-037A